Invulling van de zorg op o.b.s. ‘De Rieshoek’
Op o.b.s. ‘De Rieshoek’ streven we er naar om passend onderwijs te bieden waarin alle kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen op basis van hun mogelijkheden en talenten. Hierbij kijken we niet alleen naar de cognitieve ontwikkeling, maar we letten ook op de ontwikkeling van de sociale vaardigheden. Het doel is dat alle kinderen aan het eind van de basisschoolperiode optimaal zijn toegerust om naar het vervolgonderwijs te gaan.
Het volgen van de ontwikkeling van de kinderen in de school
Gedurende de gehele schoolloopbaan wordt de cognitieve ontwikkeling van de kinderen intensief gevolgd. De groepsleerkracht heeft hierbij een belangrijke rol. De groepsleerkracht werkt de hele schooldag met de kinderen en ziet hoe zij aan het werk zijn. Daarbij let de groepsleerkracht op de beheersing van de leerstof, maar ook op de werkhouding, de belangstelling en het plezier wat kinderen hebben bij het leren.
Om vast te kunnen stellen of de kinderen op niveau werken en de aangeboden stof goed beheersen, maken we vanaf groep 3 gebruik van methodegebonden toetsen. Dit zijn toetsen die horen bij de methodes die we gebruiken op school voor technisch lezen, begrijpend lezen, spelling en rekenen. Vanaf groep 5 worden ook toetsen afgenomen voor aardrijkskunde, geschiedenis, biologie en techniek.
Daarnaast maken we gebruik van methodeonafhankelijke toetsen van het CITO leerlingvolgsysteem. Deze toetsen worden twee maal per schooljaar afgenomen. De kinderen van groep 8 nemen deel aan de CITO eindtoets.
In de onderbouw (groep 1 en 2) wordt de ontwikkeling van de kinderen vooral gevolgd door observaties door de groepsleerkracht. Hierbij wordt gekeken naar de volgende ontwikkelingsgebieden: de ontwikkeling van de beginnende geletterdheid, het rekenen, de ruimtelijke oriëntatie, de visuele waarneming, de motorische ontwikkeling en de muzikale ontwikkeling. Bij de kinderen van groep 2 worden daarnaast ook onafhankelijke toetsen afgenomen voor ordenen (rekenen), taal voor kleuters, ruimte en tijd.
Om de ontwikkeling van de sociale vaardigheden te volgen, maken we voor alle kinderen gebruik van het observatiepakket voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Twee maal per schooljaar wordt het groepsoverzicht ingevuld. Daarbij wordt voor alle kinderen gekeken hoe zij zich ontwikkelen op vier gebieden:
- omgaan met zichzelf (bijvoorbeeld: zich veilig voelen, zelfvertrouwen hebben, het omgaan met de regels in de gestructureerde en in vrije situaties);
- omgaan met de leerkracht (bijvoorbeeld: vraagt en accepteert hulp);
- omgaan met medeleerlingen (bijvoorbeeld: komt op voor zichzelf, samenspelen en samenwerken);
- werkhouding (bijvoorbeeld: werktempo).
De gegevens van de cognitieve ontwikkeling en de gegevens met betrekking tot de ontwikkeling van de sociale vaardigheden worden besproken in een groepsbespreking. Bij de groepsbespreking zijn altijd de intern begeleider en de groepsleerkracht aanwezig. Tijdens de groepsbespreking wordt altijd gekeken naar de aandachtspunten voor de hele groep, het signaleren van de kinderen die extra aandacht nodig hebben en het nauwkeurig beschrijven van de onderwijsbehoeften van de verschillende kinderen. Op basis van hiervan kan gekeken worden welke kinderen geclusterd kunnen worden en hoe een groepsplan voor de hele groep kan worden opgesteld.
De speciale zorg voor kinderen met specifieke behoeften
Niet alle kinderen ontwikkelen zich op dezelfde manier en in hetzelfde tempo. Daardoor is het nodig om extra aandacht te geven aan kinderen die in hun ontwikkeling achterop dreigen te raken. Maar ook is het nodig om oog te hebben voor kinderen die meer aankunnen. Om dit te kunnen realiseren is het nodig om ons onderwijs optimaal af te stemmen op de onderwijsbehoeften van de kinderen. Daarbij maken we gebruik van het werken met groepsplannen. Op deze manier proberen we tegemoet te komen aan de verschillen in onderwijsbehoeften tussen de kinderen. In het groepsplan worden maatregelen genomen voor kinderen die extra instructie, begeleiding of uitdaging nodig hebben.
In incidentele gevallen wordt een individueel handelingsplan voor een kind opgesteld. In een individueel handelingsplan wordt heel specifiek beschreven wat dit individuele kind nodig heeft om zich optimaal te kunnen ontwikkelen. Als het mogelijk is, is het individuele handelingsplan van tijdelijke aard.
De rol van de ouders
Als er op school wordt geconstateerd dat een kind zich niet evenwichtig ontwikkelt, wordt u altijd ingeschakeld. De school informeert u over de ontwikkeling van hun kind. Samen wordt gekeken welke extra zorg het kind nodig heeft. Hierbij zijn de ouders belangrijke partners van de school. Zij kennen hun kind als geen ander en kunnen de school waardevolle informatie verschaffen.
Meer informatie?
Voor meer informatie over de zorg op o.b.s. ‘De Rieshoek’ willen we u graag wijzen op het zorgdocument van onze school. Hierin staat heel nauwkeurig omschreven hoe de zorg op onze school is georganiseerd.